Barcelonesa vertelt over Barcelona. Mijn persoonlijke tips voor je reis naar Barcelona.

Home » Blog » Berichten » Santa Eulàlia de tweede beschermheilige

Santa Eulàlia de tweede beschermheilige

SHARE
, / 0
Santa Eulàlia - Barcelona's tweede beschermheilige

Barcelona’s tweede beschermheilige: Santa Eulàlia

Barcelona’s tweede beschermheilige heet Santa Eulàlia en wordt ieder jaar op 12 februari, haar naamdag, herdacht. Haar legende, die wel of geen waarheden zal bevatten, leeft nog tot de dag van vandaag. Santa Eulàlia is alom vertegenwoordigd in Barcelona: van straat- en winkelnamen tot aan kapellen en beeldjes refereren aan haar geschiedenis en de verbintenis met de stad. Maar wie was deze Eulàlia, waarom werd zij heilig verklaard en hoezo werd zij de tweede beschermheilige van Barcelona?

De legende van Santa Eulàlia

Op 12 februari vieren we het feest van Santa Eulàlia die, volgens de traditie, gemarteld stierf ten tijde van de Romeinse keizer Diocletianus, in de 4de eeuw. In die tijd was Barcelona onderdeel van het Romeinse Rijk en had Dacian als gouverneur. De vervolging van christenen vond in het keizerrijk veelvoudig plaats, en zo kwam het dus dat christenen zowel binnen als buiten de stad vervolgd werden.

Een welbespraakt christen

Het was in een van de dorpjes buiten de stad, waar nu Sarrià ligt, waar Eulàlia werd geboren. Haar ouders hadden een boerderij met ganzen en het meisje werd een vroom christen. Toen ze opgroeide en de onrechtvaardige religieuze vervolging van de keizer bij haar geloofsgenoten ziet, besloot zij om te rebelleren en ging ze op zoek naar de gouverneur. Volgens de legende kon Eulàlia goed spreken en hield zij een toespraak over het punt dat de christenen niemand pijn deden en dat het onrechtvaardig was om ze te vervolgen. Dacian luisterde en gezien haar jonge leeftijd nodigde hij haar van harte uit om haar geloof te verlaten, door uit te leggen dat het tegen de wet was. Maar Eulàlia was koppig en de gouverneur werd boos. Dacian nam haar gevangen en deed haar lijden onder dertien martelingen van grote wreedheid, een zelfde aantal als het aantal jaren dat ze leefde.

De 13 martelingen

Van hier uit wordt de legende iets sadistisch. Zo wordt er verteld dat het meisje geslagen werd, dat ze gebrandmerkt werd met rood-hete ijzers en met kokende olie gegooid, dat haar borsten verbrand werden, en niet tevreden, werd zij nog eens in een vat vol glas en spijkers gegooid, rollend van een helling dat nu bekend staat als de Baixada de Santa Eulàlia. Volgens de legende, stond het meisje niet alleen ongedeerd op, maar werd zij ook door God beschermd om geen pijn te voelen. De Romeinen waren hier echter niet blij mee en volgden de orders van Dacian op totdat de 13 toegepaste kwellingen werden bereik.

Eulàlia werd tot slot gekruisigd op een kruisvormige “X”, wat een beschamende positie was. En opnieuw vond er een wonder plaats: sommigen zeggen dat haar haar groeide totdat haar borsten en geslacht bedekt werden, en anderen zeggen dat het plotseling begon te sneeuwen en dat haar lichaam bedekt en beschermd werd tegen de ontuchtige blikken van de burgers. Voor de verbaasde ogen van de aanwezigen, vloog haar ziel naar de hemel toe in de vorm van een mooie witte duif die uit haar mond kwam.

Het teen-incident

Jaren gingen voorbij en het christelijk geloof werd door Rome aanvaard tot het zelfs de officiële religie werd. De kleine Eulàlia werd opeens een martelaar. Verschillende versies gaan rond over de plek waar het lichaam van de heilige werd begraven. Christenen hadden haar lichaam begraven, maar tijdens de Middeleeuwen werd deze verborgen om te voorkomen dat de moslims deze zouden ontheiligen. Pas in 877 ontdekte de bisschop Frodoí in de kerk van Santa Maria de las Arenas de resten van een lichaam dat geïdentificeerd werden als de resten van de heilige Eulàlia. De resten werden vervolgens in 878 in processie overgebracht naar de basiliek die jaren later de kathedraal werd die we nu kennen.

Tijdens deze verhuizing gebeurden uiteraard ook een paar wonderen: zo werd de kist van de heilige telkens zwaarder totdat het aangekomen was bij de poorten van de stad, en op het huidige Plaça de l’Àngel, niet meer te tillen was. Op dat moment verscheen een engel die met zijn vinger een van de monniken die de kist droeg aanwees. Hij viel op z’n knieën en biechtte op dat hij een teen van de heilige uit de kist als een heilige relikwie had gehouden. De bisschop beval de teen te verbranden om te zien of het echt van van de heilige was. Deze bleef ondanks de kracht van het vuur ongedeerd en dus werd de heilige oorsprong nogmaals bevestigd. Zodra de teen op de juiste plaats werd neergezet, kon de kist weer getild worden en volgde de processie zonder verdere problemen tot aan de kathedraal.

Beschermheilige van Barcelona

Na alle wonderen, is het geen verrassing dat Eulàlia heilig verklaard werd en patroonheilige van Barcelona genoemd werd. Santa Eulàlia werd een icoon van de stad en had de toewijding van vele gelovigen. Op de aller moeilijkste momenten, zoals tijdens de Spaanse Successieoorlog, diende Santa Eulàlia als inspiratiebron en gaf ze moed. De beschermheilige was ook het beeld van de vlag van de burger militie en werd in de stad getoond in tijden van extreme crisis.

Zo werd de vlag tijdens de cruciale fase van de slag van 11 september 1714 gebruikt om de Catalaanse troepen aan te moedigen. Het geloof in de heilige was zo groot dat de aanwezigheid van de vlag de troepen aanmoedigde en ramde de aanvallers met bruut geweld, totdat ze zich terug moesten trekken. Toch had deze strijd een fatale afloop. De stad werd alsnog ingenomen, Eulàlia’s vlag verdween op de brandstapel en haar feest werd verboden.

Hoe Santa Eulàlia “tweede” beschermheilige werd

Ondanks de toewijding van de lokale bevolking aan de heilige Eulàlia, kreeg deze in 1687 grote concurrentie. Catalonië werd toen aangevallen door een verschrikkelijke plaag van sprinkhanen, en de mensen van Barcelona, ​​hulpeloos, werden toevertrouwd aan de Lieve Vrouw van Barmhartigheid, de Mare de Déu de la Mercè. Toen de sprinkhanenplaag verdween, besloot de Consell de Cent om La Mercè de titel van beschermheilige van de stad aan te dragen, die tot dat moment alleen aan Santa Eulàlia had toebehoord. Maar de lokale bevolking was zijn grote devotie voor Sant Eulàlia niet vergeten, en dus stroomde een groep volgelingen naar de Església de la Mercè en gooide stenen naar de autoriteiten tijdens de viering van La Mercè. Geconfronteerd met dit populaire protest, werd besloten dat beide heilige de titel zouden delen, en zo werd Santa Eulàlia de tweede beschermheilige van Barcelona.

Sinds 1868 zijn er dus in Barcelona twee beschermheiligen: de historische martelares Santa Eulàlia, die haar leven verloor voor het christelijk geloof in het Romeinse Barcino, en de Mare de Déu de la Mercè, die de stad van een verschrikkelijke sprinkhanenplaag in de 17e eeuw redde. De degradatie van Santa Eulàlia als patroonheilige was slechts tijdelijk, maar volgens de legende, ieder keer dat het tijdens het Feest van La Mercè regent, op 24 september, zijn dit de tranen van een droevige Santa Eulàlia, die overschaduwd wordt door de nieuwere beschermheilige van de stad.

De sporen van Santa Eulàlia terug vinden

Wil je zelf op pad gaan en de sporen en plekken waar dit verhaal zich afspeelt ontdekken, volg dan mijn tips:

Kathedraal: in de Kathedraal van Barcelona is Santa Eulàlia prominent aanwezig. De ‘Santa Eulàlia’ van de officiële naam van de Kathedraal, Catedral de la Santa Creu i Santa Eulàlia, werd toegevoegd toen deze patroonheilige verklaard werd. Santa Eulàlia is hier tevens te zien op de albasten achterkant van het koor en in de crypte van de kathedraal zouden haar resten liggen. Ook zouden de 13 ganzen die in de patio van het klooster van de Kathedraal wonen een eerbetoon zijn aan de leeftijd van de heilige en de 13 martelingen die ze moest doorstaan.

Santa Maria del Mar: de tempel waar de resten van de martelares werden gevonden, de Parroquia de las Arenas, stond op dezelfde plek als de huidige basiliek van Santa Maria del Mar.

Baixada de Santa Eulàlia: hier speelde zich een van de meest bekende martelingen af die Santa Eulàlia moest doorstaan, toen ze naakt in een vat vol glas en spijkers van de helling van deze straat richting de Carrer de Banys Nous gegooid werd. Hier staat nu een kleine kapel met een beeld van de martelares een een stukje van de dichter Verdaguer die ons aan deze episode herinnert.

Arc de Santa Eulàlia: men zegt dat de jonge Eulàlia naar een gevangenis aan de huidige Arc de Santa Eulàlia werd gebracht nadat ze ten prooi viel aan de gouverneur en dat sindsdien in deze straat de zon nauwelijks doorkomt. Er wordt tevens gedacht dat hier ook een van de martelingen plaats vond, toen Eulàlia volledig naakt in een cel vol met vlooien gesloten werd.

Plaça de l’Àngel: dit plein dat vroeger Plaça del Blat heette vanwege de tarwe (‘blat’) die er werd verhandeld, veranderde van naam naar Plaça de l’Àngel (‘Plein van de Engel’) naar aanleiding van het teen-incident met de engel aan de poorten van de stad, toen de kist verplaatst werd naar de Kathedraal en een monnik het teen van de heilige probeerde te stelen. Een kleine replica uit 1966 van het originele engelbeeld, boven het balkon van het gebouw aan het Plaça de l’Àngel nummer 2, herinnert ons hier nog steeds aan. Het echte beeld van de engel uit de 17e eeuw van Felip Ros staat nu in het Museu d’Història de la Ciutat de Barcelona.

Esglèsia de la Mercè: de plek waar de volgelingen van Santa Eulàlia met stenen gingen protesteren toen deze haar status van patroonheilige tegen La Mercè verloor.

Plaça del Pedró: aan de overkant van de ommuurde stad, op het Plaça del Pedró, ligt de plek waar volgens de legende Santa Eulàlia werd gekruisigd na het lijden van de dertien kwellingen. Vandaag de dag staat op dit punt een monument gewijd aan de patroonheilige, met een fontein, een obelisk en een figuur van de heilige. Het originele beeld werd echter in 1936 vernietigd en alleen het gezicht werd gespaard. Deze ligt nu, net als het engelbeeld, bij het Museu d’Història de la Ciutat.

Festes de Santa Eulàlia: uiteraard moet je als je in februari in Barcelona bent, het feest van Santa Eulàlia meemaken. De reuzin Laia (de koosnaam voor Eulàlia) gaat dan de straten in samen met andere reuzen. Er worden parades en optochten georganiseerd en zijn er allerlei evenementen voor de hele familie. Op dinsdag 12 februari wordt er voor één dag als symbolisch gebaar de vlag van Santa Eulàlia op het balkon van het stadhuis op het Plaça de Sant Jaume opgehangen.

Laat een reactie achter!

Your email address will not be published.